|
Kleine Eyolf
01 mei - 09 juni 2012
Susanne Kennedy regisseert Kleine Eyolf van Henrik Ibsen. Met Marlies Heuer, Vincent Linthorst, Lien Wildemeersch e.a.
Lees meer... Kleine Eyolf - Henrik Ibsen
‘Jij hebt een leegte in mijn ziel doen ontstaan. En die moet ik trachten te vullen met iets.’
Met haar grensverleggende en soms verontrustende voorstellingen verwierf regisseur Susanne Kennedy een unieke plek binnen het Nederlands theater. Haar werk viel regelmatig in de prijzen. Bij het Nationale Toneel kreeg zij de afgelopen jaren de ruimte om haar talent te ontwikkelen. Dit leidde tot succesvolle producties als Over Dieren, Het verjaardagsfeest en De Bittere Tranen van Petra von Kant. Nu neemt zij afscheid van het gezelschap met een eigenzinnige enscenering van Ibsens klassieker Kleine Eyolf.
Kleine Eyolf is gehandicapt, omdat hij als baby tijdens een vrijpartij van zijn vader Alfred en moeder Rita van een tafel viel. Na die vreselijke gebeurtenis vluchtte Alfred in de wereld van de wetenschap. Nu, na een eenzame bergtocht, heeft hij besloten zich volledig toe te leggen op zijn plichten als zorgzame vader. Zijn vrouw Rita staat dit echter niet toe: zij wil haar man helemaal voor zich alleen. Dan verdrinkt kleine Eyolf.
Susanne Kennedy snoeide Ibsens tekst terug tot zijn kale essentie. Kennedy: ‘De personages drijven als eilanden rond in een universum zonder God, voortgestuwd door de onderstroom van hun verborgen verlangens.’ Een visueel overrompelend louteringsritueel.
Deze voorstelling is een coproductie van het Nationale Toneel en NT Gent.
Wat is de aap voor de mens? Een grap of een pijnlijke schaamte. En precies dat moet de mensen voor de übermensch zijn: een grap of een pijnlijke schaamte. (Friedrich Nietzsche, Also sprach Zarathustra)
God is dood, verklaarde Nietzsche in “Also sprach Zarathustra”, dat hij tussen 1883 en 1885 schreef. “Wij hebben God vermoord, jullie en ik! Wij zijn allemaal zijn moordenaars!” Nietzsche liet de profeet Zarathustra van de berg afdalen naar de mensen om de blijde boodschap te verspreiden: er is niemand die jullie kan redden behalve jullie zelf. Jullie hebben de toekomst in eigen hand. Er is geen straf voor jullie fouten behalve die jullie jezelf opleggen. En er wacht geen beloning voor goed gedrag in een hiernamaals.
Hiermee legde Nietzsche de verantwoordelijkheid voor de inrichting van het leven geheel en al bij de mens zelf neer. Maar hoewel God dood is en we niet langer op aarde zijn om hem te dienen, formuleerde Nietzsche wel dat het leven nog steeds een doel heeft. Dit doel is de creatie van de Übermensch. De ontwikkeling van mens naar Übermensch moet het nieuwe project worden van de mensheid. Uit dit streven zullen de nieuwe waarden en normen voortspruiten die leidend zullen worden in onze levens.
Binnen de meeste religies heeft de mens een ziel die losstaat van het lichaam. Deze onsterfelijke ziel is hetgeen dat doorleeft na onze dood, en dus datgene wat de beloning of de straf zal ontvangen voor ons gedrag in het aardse leven. In de meeste religieuze modellen werkt het lichaam de ziel eigenlijk ook altijd tegen. Het wil van alles wat niet mag. Dat geeft een nooit eindigende strijd tussen lichaam en ziel. “Eens blikte de ziel minachtend neer op het lichaam”, zegt Zarathustra. Het ascetisch bestaan als ideaal is volgens Nietzsche verkeerd: Pas als de mens zichzelf als een geheel gaat zien, kan hij verder groeien. Het lichaam is even belangrijk als de geest en door een ascetisch bestaan, dat het lichaam stelselmatig negeert, zul je niets bereiken.
De nieuwe Nietzscheaanse essentiële levenswaarden worden niet langer gemotiveerd door een eventuele beloning in een leven na de dood, maar ontstaan uit een liefde voor deze wereld en dit leven. Of de staat van Übermensch volgens Nietzsche een doel is voor alle mensen, of iets wat maar weinig mensen met behulp van anderen zullen kunnen bereiken blijft vaag. Dat Hitler met de term aan de haal is gegaan, heeft het begrip geen goed gedaan. Naar de agenda van Kleine Eyolf
|
Kleine Eyolf - teaser
Dries Vanhegen Lien Wildemeersch Marlies Heuer Vincent Linthorst Frans Meere Martje Verhagen Margriet van der Meijden
Tekst
Henrik Ibsen
Bewerking Susanne Kennedy en Marit Grimstad Eggen Regie Susanne Kennedy Regieassistentie Ingmar van der Bie Dramaturgie Marit Grimstad Eggen Decor- en video-ontwerp Lena Müller Kostuumontwerp Lotte Goos Lichtontwerp Jan Harm Wagner Muziek Remco de Jong, Florentijn Boddendijk Stage lichtontwerp Dieneke Bittermann Techniek Jan Harm Wagner en Thymen Bergman Kostuumatelier van het Nationale Toneel o.l.v. Iris Elströdt Kap en grime Cynthia van der Linden (advies), Lianne Gorissen Stage kap en grime Mira Popenko en Celina van Kampen Decoratelier van het Nationale Toneel o.l.v. Hans Rompa Communicatie en Marketing Eline van Lelyveld Productieleiding Hans Nass Stage video Naomi Mateovics |













